Ceuta: wat wist de Spaanse regering vooraf over de massale grensoversteek?

De discussie over de migratiecrisis in Ceuta krijgt een nieuwe wending. Een rapport van het Spaanse Centro Nacional de Inmigración y Fronteras (CENIF) schetst namelijk een ander beeld dan dat van een volledig spontane toestroom van migranten.

Volgens het politierapport was de massale grensoversteek van 30 en 31 juli niet het gevolg van één toevallige gebeurtenis. De onderzoekers spreken over aanwijzingen voor voorafgaande en tactische planning en beschrijven meerdere opeenvolgende groepen die richting Ceuta trokken.

Politie waarschuwde al een dag eerder

Een van de opvallendste punten uit het rapport is dat het CENIF volgens RTVE al op 29 juli waarschuwde voor het risico van een massale grensoversteek die voor de volgende dag werd verwacht.

Een dag later begon de enorme toestroom vanuit Marokko. Uiteindelijk kwamen volgens de autoriteiten tienduizenden mensen Ceuta binnen.

Dat roept een belangrijke vraag op: welke instanties ontvingen die waarschuwing en welke maatregelen werden daarop genomen?

Uit de openbaar geworden informatie blijkt niet dat premier Pedro Sánchez persoonlijk vooraf over alle details beschikte. Het zou daarom te ver gaan om nu al te stellen dat de Spaanse regering precies wist wat er zou gebeuren.

Marokkaanse agenten zouden migranten hebben gestuurd

Nog opvallender is wat het rapport zegt over de situatie aan Marokkaanse zijde van de grens.

Volgens het CENIF was sprake van een ongebruikelijk grote mate van “permissiviteit” van Marokkaanse veiligheidstroepen. In het rapport wordt bovendien gesproken over een “actieve begeleiding” van groepen migranten richting plaatsen waar zij de grens konden oversteken.

De Spaanse politie analyseerde beelden waarop zowel geüniformeerde als vermoedelijke agenten in burger te zien zouden zijn. Volgens het rapport gaven sommige van hen aanwijzingen aan mensen die richting Ceuta gingen.

Ook beschrijft het document verschillende golven. Eerst kwamen veel jonge mannen, onder wie minderjarigen, sommigen uitgerust met wetsuits, zwembanden en andere hulpmiddelen. Daarna volgden andere groepen en vervolgens opnieuw veel jonge mannen.

Volgens de onderzoekers lijkt die opeenvolging erop gericht te zijn geweest de Spaanse grensbewaking en opvangcapaciteit maximaal onder druk te zetten.

Maar wie gaf de opdracht?

Daar ligt tegelijkertijd een belangrijke nuance.

Het politierapport stelt niet vast dat de Marokkaanse regering opdracht heeft gegeven tot de operatie. Het document wijst op planning en op betrokkenheid of medewerking van personen die aan de Marokkaanse veiligheidsdiensten worden gekoppeld, maar noemt geen opdrachtgever.

Ook de directeur-generaal van de Spaanse politie benadrukte later dat er volgens hem geen politierapport lag dat formeel concludeert dat de Marokkaanse staat de crisis heeft gepland of uitgevoerd.

Er is dus een belangrijk verschil tussen:

aanwijzingen dat Marokkaanse agenten mensen actief begeleidden

en

bewijs dat de regering in Rabat de volledige operatie heeft georganiseerd.

Dat laatste is vooralsnog niet vastgesteld.

En hoe zit het dan met Rusland en Israël?

Premier Pedro Sánchez wees ondertussen op een andere factor: buitenlandse desinformatie.

Hij stelde dat netwerken die verbonden zouden zijn aan Rusland en Israël misleidende informatie over het Spaanse migratiebeleid hadden verspreid of versterkt, waardoor mensen de indruk konden krijgen dat zij Spanje konden binnenkomen en daar mochten blijven.

Zowel Rusland als Israël heeft deze beschuldigingen tegengesproken.

RTVE concludeert na onderzoek dat er daadwerkelijk veel misleidende berichten op sociale media circuleerden, maar dat er op dit moment geen definitief antwoord is op de vraag wie uiteindelijk achter de massale toestroom zat. Zowel buitenlandse desinformatie als het optreden van Marokkaanse autoriteiten wordt onderzocht.

Het ene sluit het andere bovendien niet noodzakelijk uit. Online desinformatie kan mensen hebben gemobiliseerd, terwijl tegelijkertijd aan de grens sprake kan zijn geweest van ongebruikelijke passiviteit of actieve begeleiding.

Sánchez: geen hard bewijs tegen Marokkaanse regering

Sánchez verklaarde deze week opnieuw dat er volgens hem geen concreet bewijs bestaat dat de Marokkaanse regering de massale toestroom heeft georganiseerd.

Hij erkende wel dat Marokkaanse veiligheidstroepen gedurende een cruciale periode onvoldoende zouden hebben ingegrepen. Volgens Sánchez staat nog niet vast of dat bewuste passiviteit was of dat de autoriteiten simpelweg de controle verloren.

Dat is een aanzienlijk voorzichtiger conclusie dan de passages uit het CENIF-rapport over actieve begeleiding.

De belangrijkste vraag blijft: wat wist Madrid?

Daarmee blijft een aantal vragen onbeantwoord.

Als de Spaanse politie op 29 juli al waarschuwde voor een massale grensoversteek op 30 juli, wie kreeg die informatie dan te zien?

Waarom kon de grens ondanks die waarschuwing toch op zo’n enorme schaal worden overspoeld?

Wie organiseerde de verschillende groepen?

Wat was precies de rol van Marokkaanse veiligheidsdiensten?

En in hoeverre speelden sociale media en buitenlandse desinformatie daadwerkelijk een rol?

De Spaanse Audiencia Nacional heeft informatie opgevraagd om te beoordelen of verder strafrechtelijk onderzoek noodzakelijk is. Ook de Guardia Civil heeft inmiddels documenten over eerdere waarschuwingen aan de rechter overgedragen.

Eén conclusie kan inmiddels wel worden getrokken: het beeld van een volledig spontane migratiestroom wordt door het politierapport ernstig ter discussie gesteld.

Maar wie de uiteindelijke opdracht gaf – en hoeveel de Spaanse regering vooraf precies wist – is op dit moment nog niet vastgesteld.

Vergelijkbare berichten