De ongeschreven regels van Spanje: 15 gewoonten die je moet kennen als je er woont of op vakantie gaat
Wie voor langere tijd naar Spanje verhuist of regelmatig op vakantie gaat, ontdekt dat de Spaanse cultuur veel meer is dan zon, tapas en siësta. De manier waarop mensen elkaar begroeten, eten bestellen, boodschappen doen en met elkaar omgaan, verschilt soms behoorlijk van Nederland en België. Veel van deze gebruiken staan nergens op papier, maar maken wel deel uit van het dagelijks leven.
1. Twee kussen of een hand geven?
Bij een informele begroeting zijn twee kussen op de wangen in Spanje heel gebruikelijk.
Vooral tussen vrouwen en tussen mannen en vrouwen is dit een bekende begroetingsvorm. Mannen geven elkaar vaak een hand of begroeten elkaar met een omhelzing wanneer ze elkaar goed kennen.
Bij een eerste zakelijke kennismaking is een handdruk meestal een veilige keuze.
De gewoonten verschillen echter per generatie, regio en persoonlijke voorkeur. Niet iedereen begroet elkaar met twee kussen.
2. Een kort verzoek is niet automatisch onbeleefd
Nederlanders gebruiken vaak uitgebreide beleefdheidszinnen, zoals: ‘Zou ik misschien een kopje koffie mogen bestellen?’
In Spanje klinkt het meestal directer.
Een klant zegt bijvoorbeeld: Un café con leche, por favor.
Ook Ponme un café of Me pones un café is gebruikelijk.
Dat kan voor Nederlanders nogal direct overkomen, maar de toon waarop iets wordt gezegd is minstens zo belangrijk als de woorden.
Een vriendelijke glimlach en een eenvoudig gracias doen vaak meer dan een lange beleefdheidsformule.
3. Een café is ook een ontmoetingsplek
In veel Spaanse dorpen speelt de buurtbar een belangrijke sociale rol.
Mensen gaan er niet alleen naartoe om iets te drinken, maar ook om bekenden te ontmoeten, nieuws uit te wisselen of even bij te praten.
Een koffie of een klein glas bier kan onderdeel zijn van zo’n ontmoeting.
Het is daarbij niet ongebruikelijk dat iemand aan de bar blijft staan in plaats van een tafeltje te zoeken.
Het sociale contact staat vaak centraal.
4. Spanjaarden eten op andere tijden
Een van de grootste verschillen met Nederland en België zijn de eetmomenten.
Een Spaanse lunch begint vaak pas rond 14.00 uur.
Het avondeten vindt in veel huishoudens tussen 21.00 en 22.00 uur plaats, soms nog later.
Wie om 18.00 uur een restaurant binnenloopt, merkt dat de keuken op sommige plaatsen nog gesloten is.
In toeristische gebieden passen restaurants hun openingstijden overigens vaak aan buitenlandse bezoekers aan.
5. Brood hoort bijna overal bij
In Spanje verschijnt bij veel maaltijden automatisch brood op tafel.
Dat wordt niet uitsluitend als bijgerecht gegeten.
Het dient ook om saus op te nemen of kleine stukjes eten op de vork te schuiven.
Een stukje brood bij een warme lunch is voor veel Spanjaarden heel vanzelfsprekend.
Let wel op: brood dat op tafel wordt gezet, is niet in ieder restaurant gratis.
6. De rekening moet je vaak zelf vragen
Wie in een Spaans restaurant heeft gegeten, merkt soms dat de rekening lang op zich laat wachten.
Dat hoeft niets met slechte bediening te maken te hebben.
In Spanje wordt het vaak als gastvrij gezien om gasten niet onnodig op te jagen.
Wil je betalen, dan kun je eenvoudig zeggen: La cuenta, por favor.
Een handgebaar waarmee je doet alsof je iets ondertekent, wordt eveneens vaak begrepen.
7. Fooi geven is geen verplichting
In Nederland en België zijn veel mensen gewend om een bepaald percentage fooi te geven.
In Spanje is dat minder vanzelfsprekend.
Bij een kopje koffie of een kleine lunch laten gasten soms het wisselgeld liggen.
Bij een uitgebreider diner kun je een paar euro extra geven wanneer je tevreden bent.
Er bestaat echter geen algemene sociale verplichting om standaard 10 of 15 procent fooi te betalen.
8. Op de markt wijst de verkoper je fruit aan
Op traditionele Spaanse markten en bij sommige groentewinkels is het gebruikelijk dat de verkoper het fruit en de groenten voor de klant pakt.
Zelf zomaar in alle kratten gaan zoeken wordt niet overal gewaardeerd.
Een handig Spaans zinnetje is: Para hoy, wanneer je fruit wilt dat vandaag rijp is.
Met Para dentro de dos días geef je aan dat je het over twee dagen wilt eten.
In supermarkten gelden vaak andere gewoonten en kun je doorgaans zelf producten uitkiezen.
9. Groeten hoort bij het dagelijkse leven
In kleinere Spaanse dorpen is het heel normaal om mensen te begroeten wanneer je een winkel, wachtkamer of lift binnenkomt.
Een eenvoudig Buenos días in de ochtend of Buenas tardes later op de dag wordt gewaardeerd.
Wanneer iemand vertrekt, klinkt vaak Hasta luego.
Ook wanneer je de persoon waarschijnlijk niet meer ziet, kan deze uitdrukking worden gebruikt.
Voor nieuwkomers is dit een eenvoudige manier om contact te leggen.
10. Familie speelt een belangrijke rol
Familiecontacten nemen in veel Spaanse huishoudens een belangrijke plaats in.
Gezamenlijke lunches op zondag, verjaardagen en familiefeesten kunnen uitgebreide bijeenkomsten zijn.
Het is niet ongebruikelijk dat meerdere generaties elkaar regelmatig bezoeken.
Ook grootouders zijn in veel gezinnen actief betrokken bij de opvang van kleinkinderen.
Natuurlijk verschilt dit per familie, maar de sterke rol van familie is een herkenbaar onderdeel van de Spaanse samenleving.
11. Het leven speelt zich buiten af
Vooral in dorpen en kleinere steden komen mensen graag samen op pleinen, terrassen en langs wandelpromenades.
Een avondwandeling, ook wel paseo genoemd, is een bekende traditie.
Gezinnen wandelen langs de boulevard, kinderen spelen op pleinen en buren ontmoeten elkaar onderweg.
Het gaat daarbij niet alleen om beweging, maar ook om gezelligheid en sociaal contact.
12. Voetbal is een geliefd gespreksonderwerp
In veel Spaanse cafés en op werkplekken is voetbal een terugkerend onderwerp.
Real Madrid, FC Barcelona en regionale clubs kunnen levendige discussies oproepen.
Ook het Spaanse nationale elftal, La Roja, krijgt veel aandacht.
Wie de lokale club kent, heeft vaak meteen een onderwerp om over te praten.
Toch is niet iedere Spanjaard voetbalfan, en de belangstelling verschilt sterk per persoon.
13. Geduld is soms belangrijker dan haast
In Spanje kunnen dagelijkse afspraken minder strak verlopen dan Nederlanders gewend zijn.
Een ontmoeting met vrienden begint soms wat later en een gesprek kan langer duren dan gepland.
Dat betekent niet dat tijd voor Spanjaarden onbelangrijk is.
Bij medische afspraken, zakelijke verplichtingen en officiële instanties wordt doorgaans wel degelijk punctualiteit verwacht.
Het verschil zit vooral in de manier waarop informele sociale afspraken worden beleefd.
14. Een gesprek kan luid en levendig zijn
Spaanse gesprekken kunnen voor Nederlanders opvallend energiek klinken.
Mensen praten soms door elkaar, gebruiken veel handgebaren en reageren enthousiast.
Dat hoeft geen teken te zijn dat iemand boos is.
In veel sociale situaties is een levendige gesprekstijl juist heel normaal.
Maar ook hier geldt dat de Spaanse samenleving niet overal hetzelfde is. In sommige regio’s en families wordt veel rustiger gecommuniceerd.
15. Meedoen is vaak belangrijker dan perfect Spaans spreken
Wie naar Spanje verhuist, denkt soms eerst vloeiend Spaans te moeten spreken om contact te maken.
Dat is meestal niet nodig.
Een paar eenvoudige Spaanse woorden, belangstelling voor lokale tradities en deelname aan dorpsactiviteiten kunnen al veel betekenen.
Denk aan een praatje met de groenteman, een bezoek aan een lokale markt of meedoen aan een dorpsfeest.
Wie interesse toont in de omgeving, leert meestal sneller de mensen en hun gewoonten kennen.
Spaanse gewoonten verschillen per regio
Het is belangrijk om te beseffen dat Spanje geen volledig uniforme cultuur heeft.
Het dagelijks leven in Madrid kan anders zijn dan in een dorp in Andalusië, Catalonië, Galicië of de provincie Alicante.
Ook leeftijd, achtergrond en persoonlijke voorkeur spelen een rol.
De genoemde gebruiken zijn daarom geen strikte gedragsregels, maar herkenbare sociale gewoonten.
De sleutel tot je thuis voelen in Spanje
Wie in Spanje gaat wonen, ontdekt dat integreren niet alleen betekent dat je de taal leert.
Het gaat ook om het begrijpen van kleine dagelijkse gewoonten.
Een vriendelijke begroeting, geduld in een restaurant of interesse in het lokale dorpsleven kan al veel verschil maken.
De belangrijkste ongeschreven regel is misschien wel deze: toon belangstelling, respecteer plaatselijke gebruiken en probeer mee te doen. Je hoeft niet alles meteen te begrijpen om je in Spanje thuis te voelen.
